Home      Vereniging      Actueel      Genealogie      Contact      Archiefindex      Links      Fotoarchief       Mededelingenblad     Publicaties

Aan d'n dijk

P. Verhagen


Onlangs verscheen een boekje dat handelde over de dijk en nu ligt er al weer een tweede over dat onderwerp op tafel. Of het teveel van het goede is, kan ik niet beoordelen. Dat oordeel is aan u. Wel schreef ik opzettelijk ,,van het goede", want de dijk was voor degenen die er op of er aan woonden meestal niet het slechtste element in het leven. Hoe oud men ook werd, en waar men ook terecht kwam, in eigen land, of in het buitenland, voor het dorp en de dijk hadden de meesten toch een zwak. Hoewel, ja u hebt gelijk, natuurlijk niet voor het dorp en de dijk alleen, maar voor het dorp, de dijk en de rivier want die drie zijn onafscheidelijk.


Sommigen zijn het daar zeker niet mee eens en geven al gauw een nuchter commentaar: ’’Ga weg vint, mit j'n dijk. Je kletst maar een int weg, die dijk was heus geen lollegie; altijd maar weer die rottrap op en af. Vijfendertig treeen, houd er over op. Dien dijk kan veur mijn part gestole worde. Kon je daar 's maandags de waterton voldrage, hilemaol van de kop van de krib en dan over den dijk naar huis. Als je iin gang had gedoan, was je al kapot, en dan mos d'n dag nog beginne’’.


Vervolgens krijgt het commentaar een meer ,,vergoeielijkend" karakter, alsof het niet de dijk, maar een familielid betreft. ”0ch, het viel wel mee he, als je maar niet over den dijk hoefde te wezen, dus alliin moar bij de huize aon de binnekant, want dan hoefde je de trappe niet op en af, dan kon je hiile hide onderlangs, en da schouw veul. En ja, da mok zegge, as je zeumersaves een intjie op den dijk kuierde...". De daarop volgende lofrede kunt u wel raden.


Vroeger woonde iedereen aan de dijk, op de dijk, op de ”barem” van de dijk, of nog een ”bietjie liiger”. Alle huizen en schuren waren met de weg op de kruin van de dijk verbonden door stoepen, trappen of paadjes, net als erwten met de wand van een peul. Op twee plaatsen, ,,Boven" tussen de kerk en de aanlegplaats en ,,Beneden" bij de kerk en het sluisje, was de bebouwing dichter, daar stonden links en rechts de huizen dicht opeen, hoog tegen de dijk. De open dijkweg, vanwaar je ver uit kon zien over het land, de grienden en de rivier, werd daar plotseling een nauw straatje met wat winkeltjes, een herberg en ergens nog een gemeentehuisje.



De dijk waarop en waaromheen het hele dorpsleven zich afspeelde, scheen een stabiel element in het leven. Ook al vertelden ouderen wel eens aan de kinderen dat je daar of daar vroeger vanaf de weg drie trapjes omhoog moest om bij de deur te komen, en nu drie trapjes omlaag, dat maakte niet zoveel indruk. De huizen stonden er toch zoals ze er altijd hadden gestaan, sommige wel honderden jaren. En of de dijkkruin een beetje hoger of lager lag dan toen, was minder belangrijk. Je kon best zien dat er destijds water bij de wijn werd gedaan om bij een dijk-verhoging de bebouwing te sparen. Hier een sponning voor een vloedplank die bij hoog water een te lage doorgang moest afsluiten, daar een paar gaten voor het maken van een bekisting.


56 pag./57 ill./1987
ISBN 90-70960-22-2